Het internationale karakter van de academische wereld biedt vele voordelen. Wetenschap floreert door samenwerking over de grenzen heen. Maar internationalisering brengt ook enkele risico’s met zich mee en enige voorzichtigheid is geboden. Naast vele waardevolle samenwerkingen bestaat namelijk ook de kans op ongewenste inmenging zoals het onrechtmatig bekomen van kennis, beïnvloeding van onderzoek, cyberaanvallen en schendingen van de mensenrechten.

Kennisveiligheid staat ook politiek hoog op de agenda door verschuivingen in het geopolitieke landschap. De Europese Commissie publiceerde reeds een staff working document over  en ook op Vlaams niveau werkt men aan een .

Ook FWO rolde een uit en voert een Security Appraisal Tab in in haar aanvraagprocedure. Deze tab heeft een sensibiliserende functie en verwacht van de onderzoekers dat ze stilstaan en nadenken over de mogelijke verhoogde risico’s die gepaard gaan met hun onderzoeksproject en partnerschappen.  

De Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR) publiceerde in 2022 een  die een waardenkader schetst met een sterke focus op zelfregulering en co-creatie met de overheid. In 2025 publiceerde ze ook de Richtlijnen .

Binnen de Universiteit Antwerpen kan je voor alle vragen en advies steeds terecht bij de contactpunt kennisveiligheid van het departement Onderzoek, Innovatie & Valorisatie Antwerpen.

Richtlijnen inzake Onderzoek en Samenwerkingen

Kennisveiligheidsrisico’s zijn een samenspel van verschillende factoren die een verhoogde gevoeligheid kennen, zoals bijvoorbeeld de combinatie van jouw onderzoeksonderwerp en de partner met wie je samenwerkt. Bij een verhoogd risico staat de Ethische Commissie voor Misuse, Human Rights & Security (MiHRS) in voor de screening en adviesverlening inzake het project/de samenwerking.

1. Institutionele samenwerkingen

Vanwege de steeds veranderende geopolitieke dynamieken, worden op zowel  nationaal als Europees niveau een aantal restricties en richtlijnen ingevoerd inzake samenwerkingen met buitenlandse entiteiten. In het licht hiervan zijn sommige institutionele samenwerkingen met internationale partners onderhevig aan screening door het contactpunt kennisveiligheid wegens een potentieel verhoogd risico.

Risico’s kunnen zich voordoen op het vlak van kennisveiligheid; denk aan inmenging, ongewenste dataoverdracht, misbruik van onderzoeksresultaten of vanwege de betrokkenheid van een partner bij mensenrechtenschendingen. 

Onder institutionele samenwerkingen vallen samenwerkingen die worden afgesloten met een document dat door de universiteit als instelling wordt ondertekend; ofwel door een centrale dienst ofwel door één van haar afdelingen.

Het gaat daarbij bijvoorbeeld om:

  • Onderzoekssamenwerkingen, al dan niet gefinancierd met externe middelen;
  • Joint PhDs;
  • Uitwisselingsakkoorden voor studenten en/of personeel;
  • Contractuele overeenkomsten zoals Material Transfer Agreements (MTA), Data Transfer Agreements (DTA) en Non-Disclosure Agreements (NDA).

a.     EU Sanctions Map

Bij samenwerkingen met landen op de EU sanctions map is extra voorzichtigheid geboden. Tegen de landen op deze map lopen bepaalde sancties of restricties, bijvoorbeeld door oorlogssituaties, mensenrechtenschendingen, … Vanwege die redenen kunnen deze landen als potentieel hoger risico worden gecategoriseerd. Van onderzoekers wordt verwacht dat ze kritisch reflecteren over samenwerking met partners in deze landen.

b.     Vlaams exportcontrolebeleid

Boven op de Europese lijst van landen waartegen bepaalde sancties bestaan, implementeert de Vlaamse overheid ook een eigen exportcontrolebeleid tegen een aantal additionele landen: Departement Kanselarij & Buitenlandse Zaken – Dienst Controle Strategische Goederen. Van onderzoekers wordt verwacht dat ze kritisch reflecteren over samenwerking met partners in deze landen.

2. Landenbeleid

a.     Rusland & Wit-Rusland

Naar aanleiding van de invasie in Oekraïne, lopen tegen en een heel aantal Europese sancties, ook specifiek inzake . Daarnaast installeerde ook het departement Buitenlandse zaken van de Vlaamse Overheid , specifiek aangaande uitvoer en doorvoer van dual use technologie. Verder werden ook door het en op niveau besloten beperkingen aangaande samenwerkingen met partners in Rusland en Wit-Rusland te implementeren. Institutionele samenwerking met partners in deze landen is momenteel niet mogelijk.

b.     Iran

Ook tegen Iran lopen een aantal Europese sancties en werd daarnaast in 2018 een VLIR statement gepubliceerd naar aanleiding van de ter dood veroordeling door een oneerlijk proces van een gastprofessor van de VUB. In 2020 herhaalde VLIR nogmaals haar boodschap. Institutionele samenwerking met partners in Iran is momenteel niet mogelijk.

c.     ë

Op 28 mei 2024 werd een universiteitsbreed Moratorium gepubliceerd aangaande samenwerkingen met ëische partners. Alle nieuwe institutionele samenwerkingen dienen aangemeld te worden bij de MiHRS commissie.

d.     China 

Jaar na jaar komt China aan bod in de jaarrapporten van Staatsveiligheid (, , , ) omwille van spionage en inmenging. Bij het uitvoeren van onderzoek dat potentieel gevoelig is of kritieke informatie betreft, is voldoende waakzaamheid geboden.

Zoals het jaarrapport van 2025 stelt:

“België, en bij uitbreiding alle westerse landen, onderhouden een complexe relatie met de Volksrepubliek China. Samenwerking met China is een economische noodzaak, maar we kunnen niet om de vaststelling heen dat het land steeds assertiever optreedt in zijn streven om op politiek en economisch vlak een wereldspeler te worden.”

Ook voor de universiteit is samenwerking met China in vele gevallen zeer waardevol, maar dienen we ons bewust te zijn van bepaalde risico’s.

i.      Seven sons of national defence

De Seven Sons of National Defencezijn zeven universiteiten in China die zeer nauw samenwerken met de Chinese overheid en het leger. [1] Deze Seven Sons werden als risicovolle partners vermeld in een Vlaamse parlementaire zitting omtrent kennisveiligheidsrisico’s in december 2023. [2] besloot niet langer samenwerking met een van deze instellingen te financieren. De Ƶ volgt dit besluit.

Het gaat om de volgende universiteiten:

• Beihang University, ook gekend als Beijing University of Aeronautics and Astronautics

• Beijing Institute of Technology

• Harbin Engineering University

• Harbin Institute of Technology

• Nanjing University of Aeronautics and Astronautics

• Nanjing University of Science and Technology

• Northwestern Polytechnical University

ii.      CSC-beurzen

Daarnaast kennen we als instelling ook veel mobiliteit van en naar China. Een bekend financieringskanaal voor Chinese onderzoekers die naar het buitenland trekken is de China Scholarship Council. Een CSC-beurs kent echter een aantal bepalingen – zoals verplichte terugkeer naar China, verregaande datadeling, openlijke steun voor de president en de Communist Party – waardoor CSC-beurzen als een verhoogd risico inzake kennisveiligheid worden gezien.

[1] . p.6.

[2]

3. Critical Technology

Naast een gevoelige partner, kan ook het onderzoekstopic gevoeliger zijn en dus potentieel een verhoogd risico vormen. Een aantal onderzoeksdomeinen kennen een inherent hoger risicoprofiel omdat ze vatbaarder zijn voor misbruik.

De Europese Commissie identificeerde waar de risico’s het grootst zijn bij internationale samenwerking. In elk van deze domeinen is er een verhoogd risico:

  •   Op civil-military fusion, met name dat defensiebedrijven en militaire overheden zeer nauw samenwerken met universiteiten en onderzoeksinstellingen zodat innovaties snel doorstromen naar de militaire sector;
  • Op misbruik, met name dat de technologie later wordt ingezet voor het schenden of beperken van mensenrechten (bv. surveillance, interne repressie);
  • Dat de technologie van transformatieve aard is zodat de prestaties en efficiëntie aanzienlijk verbeteren en/of een radicale verandering kan betekenen voor bepaalde sectoren. (, 2025, p. 11).

4. FWO Kennisveiligheidsbeleid

Het FWO implementeerde een eigen dat zijn weerslag onder meer vindt in de Security Appraisal Tab. Deze tab is onderdeel van een aanvraag voor financiering en dient door onderzoekers te worden ingevuld voor nieuwe projectaanvragen.

Projecten die gerangschikt worden als ‘potentieel verhoogd risico’-projecten, dienen een kennisveiligheidsgoedkeuring te bekomen bij de , vooraleer ze van start kunnen gaan.

5. (Dual use &) Defensiegerelateerd Onderzoek

Aan de Universiteit Antwerpen geldt een meldingsplicht inzake alle defensiegerelateerd onderzoek.

Defensiegerelateerd onderzoek omvat alle onderzoek waarbij een nationale of internationale defensie-instantie direct of indirect betrokken is als opdrachtgever, financierende instantie, partner en/of eindgebruiker.

Denk bijvoorbeeld aan projecten in samenwerking met, of gefinancierd door het Koninklijk Hoger Instituut voor Defensie (KHID), het European Defence Fund (EDF) of het DIANA (Defence Innovation Accelerator for the North Atlantic) fonds van NAVO.

Ook bilaterale samenwerking met bedrijven kunnen defensiegerelateerd zijn.

Het betreft onderzoeksactiviteiten die raakvlakken hebben met militaire toepassingen of veiligheidsvraagstukken.

Twee begrippen die vaak voorkomen in de context van defensiegerelateerd onderzoek zijn dual use onderzoek en militair onderzoek.

Dual use

Dual use onderzoek is onderzoek naar “goederen en technologie die zowel voor civiel als militair gebruik kunnen worden aangewend. [...] In het geval van dual use technologieën gaat het [...] om technologieën die een civiel gebruik kennen, maar die na eventuele verdere O&O ook kunnen worden gebruikt in/voor conventionele militaire systemen.
Er vindt steeds vaker een verschuiving binnen dual use onderzoek plaats, van, initieel, onderzoek met een civiele finaliteit en een potentieel militaire toepassing, naar dual use onderzoek ‘by design’ en nu nog meer naar onderzoek met een hoofdzakelijk militaire toepassing maar ook een mogelijke civiele component. Onder dual use by design of duaal militair-civiel onderzoek kunnen we dus ook defensiegerelateerd onderzoek situeren: onderzoek met een beoogde militaire applicatie maar ook een civiele component.
‘Dual use producten’, of ‘producten voor tweeërlei gebruik’ vormen een specifieke, juridisch vastgelegde categorie van strategische goederen die [...] in de civiele industrie gebruikt worden, maar die ook een militaire bestemming kunnen hebben[.]”2 Welke items (goederen, materialen, technologie, software en technische kennis) dual use zijn, is vastgelegd in Annex I van de Europese Dual Use Verordening (EU) nr. 2021/821. Dit is dus geen subjectieve beoordeling maar een objectief gegeven.

Militair onderzoek

Militair onderzoek is onderzoek dat gericht is op louter militair eindgebruik. Militair onderzoek op hogere technology readyness levels (TRL), wordt binnen de onderzoekslaboratoria van defensie zelf gevoerd (bv. de ballistische laboratoria van het Belgische leger of de testsites van de NAVO).

Onderstaande figuur stelt schematisch alles wat onder defensiegerelateerd onderzoek valt voor.

Aan de Ƶ wordt enkel aan defensiegerelateerd onderzoek gedaan wanneer er ook potentiële civiele toepassingen zijn. Hierbij hechten we belang aan de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de universiteit en zetten we onze verschillende expertises in om te komen tot een brede benadering van veiligheid en vrede. Ook interuniversitaire en internationale samenwerking is een belangrijk aandachtspunt. Uiteraard dient het defensiegerelateerd onderzoek aan onze universiteit in overeenstemming te zijn met alle toepasbare wet- en regelgeving.